Fijne Spätburgunder van Wöhrle uit de Kirchgasse Grosse Lage. Rijpe kers, viooltjes en aardse nuances met subtiel hout. Delicaat maar intens, met zijdezachte tannines en een lange, minerale afdronk. 2018 bracht rijp fruit met frisheid. Lees meer.
Weingut Wöhrle Spätburgunder Kirchgasse G.G. 2018 is een verfijnde Pinot met een klassieke finesse en tegelijk duidelijke diepte. Deze Spätburgunder komt van de Kirchgasse Grosse Lage en laat zich kennen door zijn elegante profiel: rijpe kers, viooltjes en aardse nuances worden prachtig gedragen door een subtiele houttoon. Het resultaat is een wijn die delicaat oogt, maar in de mond intens en gelaagd aanvoelt.
In 2018 bracht het rijpe fruit behoud van frisheid, waardoor de wijn niet alleen smaakvol is, maar ook levendig blijft. Met zijdezachte tannines, een heldere spanning en een lange, minerale afdronk is dit een staaltje vakmanschap dat perfect past bij liefhebbers van elegante, klassieke Spätburgunder-stijl.
In de geur en smaak proef je kers en viooltjes, met daaronder aardse schakeringen en een verfijnde, subtiele houttoets. De opbouw is delicaat maar intens: het fruit komt mooi op de voorgrond, terwijl de tannines zijdezacht zijn en de wijn soepel doorloopt naar een lange, minerale afdronk. De balans tussen rijpheid en frisheid zorgt voor een verfijnde spanning die je bij elke slok opnieuw wilt volgen.
Weingut Wöhrle staat bekend om Spätburgunder met karakter en precisie, waarin herkomst en zorgvuldige druivenselectie samenkomen in een verfijnd glas. De wijnen vertonen doorgaans een evenwicht tussen fruitexpressie, fijne structuur en een stijl die zowel elegant als intens kan zijn. Kirchgasse Grosse Lage is daarbij een sublieme expressie van klasse: een Spätburgunder die overtuigt met aroma’s, diepte en een lange minerale lijn.
Deze Spätburgunder is bijzonder geschikt bij gerechten met verfijnde smaken en een duidelijke basis. Denk aan gevogelte en kalfsvlees, maar ook aan bereidingen waarin saus of kruiding de wijn niet overschreeuwt. Door de zijdezachte tannines en de minerale afdronk komt de wijn mooi tot zijn recht bij smaken die net iets meer finesse vragen.
Heeft je gerecht daarnaast een aardse component, zoals paddenstoelen, subtiele wildkruiden of een romige, niet té zware saus, dan sluit de aardse toon van de wijn uitstekend aan. Zo ontstaat er een harmonieus geheel waarin zowel fruit als mineraliteit goed zichtbaar blijven.
Serveer de wijn op een temperatuur van circa 14 tot 16°C. Laat hem bij voorkeur kort tot optimaal op temperatuur komen voor de fijnere aroma’s (kers en viooltjes) het best tot hun recht komen. Een lichte decanteren kan helpen om de wijn extra soepel te maken, vooral wanneer hij nog wat gesloten aanvoelt na het openen.